Tagarchief: Brand van Leuven

Sapientiae Immarcessibilis

Het avontuur van de stichtingsbul van de Universiteit

Het belangrijkste erfgoedverlies van de “Brand van Leuven” was geen monumentaal gebouw maar een stuk perkament met een grootte van ongeveer een A3-blad: het origineel exemplaar van “Sapientiae Immarcessibilis”, de bul waarmee Paus Martinus V de formele toelating geeft in Leuven een universiteit te stichten. Dit document was gedateerd op 9 december 1425. Dit is dus de officiële stichtingsdatum van de Leuvense Universiteit. Dit historisch document ging volledig in rook op wanneer Duitse soldaten in 1914 de Hallen in brand steken. Gelukkig werd er vijf jaar eerder een facsimile van de originele bul gemaakt.

Hertog Jan IV van Brabant wordt in de kunst en in de geschiedenis wel eens voorgesteld als de stichter van de universiteit maar dat is historisch niet juist. Het initiatief ging uit van het kerkelijk en het wereldlijk gezag van de stad: het kapittel dat verantwoordelijk was voor de eredienst in de Sint-Pieterskerk en het stadsbestuur dat nog steeds met zijn Brusselse tegenhanger aan het strijden was voor de positie van “Beste stad van Brabant”. Willem Neve, scholaster van het kapittel verantwoordelijk voor het onderwijs, werd door het stadsbestuur naar Rome gestuurd met een verzoekschrift en een aanbeveling van de hertog.

Via de pauselijke administratie werden er verschillende vragen aan de paus gesteld. De belangrijkste was natuurlijk de formele toelating een universiteit te stichten. Deze toelating werd neergeschreven in de bul “Sapientiae Immarcessibilis” (van de onverwelkbare wijsheid). Op dezelfde dag werden nog drie andere bullen getekend waarin een aantal juridische aspecten van de oprichting geregeld werden. De oprichting werd feitelijk voltooid in 1432 wanneer paus Eugenius IV, de opvolger van Martinus V, de oprichting van een faculteit theologie toeliet. Daarmee werd de Leuvense universiteit een volwaardig “Studium Generale” met de vijf klassieke faculteiten: artes (filosofie en natuurwetenschappen), theologie, geneeskunde, kerkelijk recht en burgerlijk recht.

In 1794 beginnen de bullen aan hun zwerftocht. Het bestuur van de universiteit had weinig vertrouwen in het revolutionaire bewind en besliste haar archieven in veiligheid te brengen. Het centrale archief werd samen met enkele andere archieven overgebracht naar Rotterdam. Jan-Frans Van de Velde, president van het Heilige-Geestcollege, bibliothecaris en archivaris van de universiteit, en notoir ultramontaan en antirevolutionair, is “zijn” archief achterna gereisd. Toen gevreesd werd dat de Fransen ook Nederland onder de voet zou lopen, liet Van de Velde de archieven overbrengen naar de toenmalig Deense stad Altona.

Jan-Frans Van de Velde wist zelf de deportatie naar Cayenne (Frans-Guyana, Zuid-Amerika) te ontlopen door te vluchten naar Duitsland. Toen hij in 1802 naar zijn geboorteland wou terugkeren, had hij de “ontvoerde” archieven moeten teruggeven maar hij slaagde erin deze restitutie te beperken. Wat hij wist achter te houden, werd overgebracht naar zijn geboorteplaats Beveren-Waas of werd in bewaring gegeven in het seminarie van ’s Hertogenbosch. Zo kwam de volledige verzameling met charters van de Oude Universiteit terecht in het Bossche seminarie dat eerst in Sint-Michiels Gestel en later in Haaren gevestigd was. Dit werd zo zorgvuldig geheim gehouden dat op het einde van de negentiende eeuw iedereen in Leuven ervan overtuigd was dat deze schatten voor goed verloren waren. Groot was dan ook de verrassing wanneer de bisschop van ’s Hertogenbosch in 1909 de stichtingsbul cadeau deed aan de Katholieke universiteit van Leuven.

De geschiedenis kan hard zijn: vijf jaar later zorgden Duitse soldaten voor de definitieve vernietiging van dit historisch document. Gelukkig had men bij de teruggave een facsimile van de originele bul gemaakt. In 1971 kwamen de andere charters als onderdeel van een ruil terecht in het aartsbisschoppelijk archief in Mechelen. Wanneer het universiteitsarchief in 1983 geruild wordt voor kloosterarchieven, zijn de originele archieven waaronder de drie bullen die op de zelfde dag als de stichtingsbul werden uitgevaardigd, eindelijk weer thuis. Een van de drie, de bul “Qui creditum sibi” is ondertussen gedigitaliseerd en kan je nu in detail bekijken op de fantastische website van de Vlaamse Erfgoedbibliotheken, Flandrica.be.

Bronnen

  • Bul met privilege van Paus Martinus V voor de Leuvense universiteit, 9 december 1425. http://www.flandrica.be/items/show/457/
  • Marc Nelissen. Fundatio: de Stichting van de Oude Universiteit. In: Leuven / Louvain-la-Neuve: kennismaken. Onder redactie van Jan Roegiers en Ignace Vandevivere. p. 9-17. Leuven, Universitaire pers: 2001.
  • Marc Nelissen, m.m.v. Jan Roegiers en Erik Van Mingroot. De stichtingsbul van de Leuvense universiteit 1425-1914. Leuven, Universitaire pers: 2000
  • Jan Roegiers: Bullen. Ex officina. 2000, 13(3) p. 7-8